In periodes van onzekerheid op de arbeidsmarkt is het gebruikelijk dat immigranten in de verdrukking komen. ‘Ze pikken onze banen in’ of ‘ze komen hier alleen voor de uitkeringen’ zijn veelgehoorde noodkreten van de autochtone bevolking. De roep om een migratiestop, migratiequota of oprotpremies is onmiskenbaar. Het protectionisme viert hoogtijdagen onder bepaalde groepen van de bevolking.
De internationale Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) waarschuwt in een recent rapport voor een al te opportunistisch immigratiebeleid (PDF). Tijdens een economische crisis kan het aantrekkelijk zijn om migratie te verminderen en immigranten te belonen als ze terugkeren naar hun land van herkomst. Op de lange termijn hebben de westerse landen de immigranten echter weer nodig.
Je kunt migratie niet vergelijken met een kraan, aldus de secretaris-generaal van de OESO, Angel Gurría.
“Migration is not a tap that can be turned on and off at will. We need responsive, fair and effective migration and integration policies – policies that work and adjust to both good economic times and bad ones. We also need to ensure that the benefits of migration are shared between sending and receiving countries. This requires responsible recruitment policies to avoid the risk of brain drain,”
De verwachting is dat restricties die nu toegepast worden op migratie, moeilijk terug te draaien zijn als de migranten weer nodig zijn. Met de toenemende vergrijzing in de OESO-landen, dus ook Nederland, kunnen we het ons niet veroorloven als de migrantenstroom voor vele jaren opdroogt, zo verwacht de OESO.
Minister Donner van Sociale Zaken, vicevoorzitter van de conferentie waaruit het OESO-rapport voortkwam, ziet echter in Nederland geen rol weggelegd voor migranten als de beroepsbevolking afneemt. De migrant van buiten de EU biedt geen oplossing in de periode van vergrijzing, aldus de CDA’er. Of dit ook geldt voor migranten van binnen de EU maakt de minister niet duidelijk.
Donner ventileert terloops zijn angst voor een nieuw migrantenprobleem, getuige zijn argument ter afwijzing van de migranten van buiten de EU:
“In het verleden hebben we immers niet te veel succes gehad met het integreren van bevolkingsgroepen die dan binnenkomen. Je loopt het gevaar van gescheiden economieën voor laag- en hooggeschoolde arbeid. Bovendien: we zitten al op elkaar gepakt. Dat verscherpt potentiële tegenstellingen.”
De minister lijkt de voorkeur te geven aan het kortetermijnbelang. Electoraal is het in Nederland op dit moment dodelijk om immigratie te propageren en Donner kiest dan ook eieren voor zijn geld. Dat is jammer, want een gewaarschuwd mens telt voor twee.
De OESO doet nog drie andere aanbevelingen:
- De OESO waarschuwt voor de negatieve gevolgen die de crisis heeft op de integratie van migranten. De toenemende werkloosheid in die groepen werkt remmend op de integratie. Aanbevolen wordt om de migranten taalcursussen te geven.
- De achterstand moet overbrugt worden die immigranten hebben omdat ze geen sociaal netwerk hebben dat ze aan een baan helpt. In crises helpt dit veel autochtonen aan een nieuwe baan, maar migranten beschikken vaak niet over een soortgelijk netwerk. Immigranten moeten daarom begeleid worden bij het solliciteren.
- De OESO pleit ook voor het versoepelen van financiële restricties op het sturen van geld naar het land van herkomst. Migranten die een deel van hun loon naar hun familie in het thuisland sturen, onderhouden daarmee de lokale economie in dat land. Vorig jaar stuurden migranten internationaal nog 217 miljard euro naar het land van herkomst, maar volgens de Wereldbank daalt dat bedrag dit jaar met zo’n 5 tot 8 procent.
